Honingbijen

De honingbij
De bijensoort die we het beste kennen is natuurlijk de honingbij. Deze soort komt bij ons alleen maar in gedomesticeerde vorm voor en wordt in volken gehouden door imkers. Honingbijen leven hoofdzakelijk van nectar (energiebron) en stuifmeel (eiwitbron), en zijn helemaal gespecialiseerd in het bezoeken van bloemen. Daarmee leveren ze naast honing voor de imker ook een essentiƫle dienst aan bloemplanten: kruisbestuiving.

Honingbijen worden vooral ingezet in de fruitteelt en de zaadvermeerdering. Zij zijn hiervoor uitermate geschikt, omdat zij het liefste massaal op een specifieke drachtplant vliegen op het moment dat deze in bloei staat. De zgn “verkenners” geven aan de andere haalbijen door waar de beste nectar en stuifmeel te vinden is via de kwispeldans.  

Bloeiende gewassen, kruiden, struiken en bomen in een kleinschalig agrarisch landschap zijn al sinds het begin van de imkerij de belangrijkste ‘dracht’ voor honingbijen. In de laatste 50 jaar is daar drastisch verandering in gekomen doordat de biodiversiteit in het agrarisch landschap is afgenomen.